Senegal

Een fraterniteit in Dakar

Wij zijn al bijna 15 jaar met enkele broeders van Taizé in Dakar. Deze stad is gelegen op de meest westelijke landtong van Afrika. We leven er in een grote volkswijk. Wat een voorrecht om zo het leven van de mensen uit de wijk te mogen delen in een huis dat voor hen openstaat en waar ze binnen durven te komen. Nadat we eenmaal door de wijkbewoners werden geaccepteerd, konden we aan den lijve voelen hoe ongelooflijk vitaal Afrika is. Tegelijkertijd echter konden we ervaren hoe de problemen waarmee Afrika kampt, zich opstapelen. Senegal komt er nog betrekkelijk goed vanaf.
JPEG - 23.7 kB

De grootste problemen zijn de slechte hygiënische levensomstandigheden die de oorzaak zijn van veel ziekten, de werkloosheid en de daaruit voortvloeiende behoeftige leefsituatie, de zéér problematische onderwijssituatie, om nog maar niet te spreken over aids en de groeiende onveiligheid.

Er zijn veel te weinig financiële middelen om deze problemen aan te pakken. Daar komt bij dat de fameuze onderlinge solidariteit die vroeger kenmerkend was in het grote Afrikaanse gezin, nu aan flarden ligt. Vooral in steden is de traditionele maatschappij uiteengespat met als gevolg dat het maatschappelijk bindweefsel totaal verscheurd is en de vroegere ‘sociale zekerheid van de arme’ niet meer functioneert.

Er zijn

Vaak wordt ons de vraag gesteld: “Wat doen jullie eigenlijk hier?” Het antwoord op die vraag vinden we in de woorden waarmee men elkaar gewoonlijk begroet in het Wolof, de meest gesproken taal in Dakar. Men begroet iemand als volgt: “Hoe red je jezelf?” Men antwoordt gewoon met: “Ik ben er.” Soms voegt men hieraan toe: “Dat is alles.” Het belangrijkste is er te zijn. Dus kunnen we telkens op de vraag wat we hier in deze wijk komen doen, antwoorden: “We zijn er!”

Het is niet niks om er te zijn, om echt aanwezig te zijn in het dagelijkse leven in de wijk, er te bidden en te werken, constant mensen over de vloer te hebben in ons huis. Tegelijkertijd blijven wij, zelfs na jaren, vreemdelingen, onthutst door een mentaliteit die men maar zeer gedeeltelijk dóórheeft. Wat niet belet dat we zeer vriendschappelijk met elkaar omgaan.

Het is ook niet niks om stand te houden, om te ‘duren’ zoals men hier zegt, temidden van alle hier heersende drukte, het lawaai, de luidsprekers, de geuren, de muggen, de hitte, het stof, water en elektriciteit die regelmatig afgesloten worden, openbaar vervoer waar men nauwelijks van op aankan, enz.

Dus zijn we er en doen we de dingen die we kunnen doen: bidden, werken om de kost te verdienen, mensen ontvangen en ons leven delen met anderen. Zo doen er zich veel onvoorziene situaties voor waar we een oplossing voor moeten vinden, met onze bescheiden middelen en conform ons charisma. Zonder ons illusies te maken over ons vermogen om het leven van deze grote groep mensen te veranderen.

Pedagogie

JPEG - 20.1 kB

Veel is er mogelijk wat de kinderen betreft. De kinderen hier zijn altijd de eersten om je te verwelkomen; ze reageren enthousiast op alles wat je voorstelt. De kinderen op de openbare scholen van de wijk hebben te maken met een zeer gebrekkig onderwijssysteem: overvolle klassen, dubbele schoolroosters ’s ochtends en ’s avonds, de leerstof moet systematisch erin gestampt worden en vervolgens opgedreund, precies zoals men de koran van buiten leert.

De arme onderwijzers kunnen het niet aan. Ze zijn verplicht om met de stok nog een beetje orde te handhaven. Je gaat altijd over want er moet plaats gemaakt worden voor een nieuwe groep. Het gevolg is dat veel kinderen nagenoeg analfabeet zijn als ze de lagere school verlaten en op de arbeidsmarkt komen die steeds hogere eisen stelt.

Op buitenschoolse tijden bieden we hun dus in ons huis activiteiten aan die hun nieuwsgierigheid, hun creatief vermogen en hun opmerkingsgave prikkelen. Deze kinderen hebben nooit een kleurpotlood of een schaar in handen gehad; ze hebben nooit gezien hoe een bloem opengaat of hoe een vlinder uit een rups te voorschijn komt.

Ze zijn bijna nooit buiten hun wijk geweest; sommigen hebben nooit de zee gezien… terwijl Dakar op een schiereiland gebouwd is! Wat een mogelijkheden om dingen te ontdekken, om dingen waar te nemen waaraan ze nooit gedacht hebben en om een gedragsverandering aan te kweken in hun wereldje dat bol staat van de stress, en waarin vaak zo explosief wordt gereageerd.

Er is ook veel werk aan de winkel bij de jongeren bij wie de ontmoediging al toeslaat t.a.v. een toekomst die totaal geblokkeerd lijkt. Van belang is om hen aan te moedigen, hun voor te stellen de kinderen zorgvuldig te begeleiden. Zo moeten ze gaan inzien dat ze ergens goed voor zijn. Verder gaat het erom hen te ondersteunen in hun studie, hun voor te stellen om bepaalde boeken te gaan lezen of hun een plek aan te bieden waar ze rustig kunnen studeren. Bij hen thuis is er vaak geen rust en geen of weinig licht om te studeren.

Sommigen hebben bij ons in huis een begin gemaakt met werken. De puzzels en ander speelgoed hopen ze in de toekomst te verkopen, met name in het buitenland. Met de verdienste kunnen deze jongeren dan hun studie betalen en bepaalde problemen thuis oplossen.

Dezelfde mogelijkheid bieden we een aantal jonge vrouwen en moeders uit de wijk aan. Ze zijn begonnen zich te bekwamen in patchwork, – akelig precies werk! Sommigen van hen maken nu al bedspreien, poppen en dieren van stof, enz. Voor beide groepen geldt dat ze er elke dag voor moeten knokken om door te zetten, om regelmaat in hun leven te krijgen, om ook aan zichzelf eisen te stellen en kwaliteitswerk af te leveren.

Helpen

JPEG - 23.7 kB

En verder zien we om ons heen allerhande gezinsproblemen: baby’s die slecht verzorgd worden door moeders die niet beter weten en die zelfs niet in staat zijn om hen met een zekere regelmaat te verzorgen; mensen die in hun leven schade hebben opgelopen; mensen die onmogelijk financieel rond kunnen komen; … zonder nog te praten over de rotzooitrappers van allerlei pluimage. We kunnen niet alles doen; we moeten díe activiteiten kiezen die kans van slagen hebben.

Temeer daar wij ook buiten de wijk aanwezig willen zijn: we nemen deel aan projecten ten behoeve van vluchtelingen, gevangenen en aidspatiënten. Wij stimuleren volksschooltjes in de wijken aan de rand van de stad waar gepoogd wordt om iets te doen aan het gebrekkige openbaar onderwijs. Verder zijn we actief in de plaatselijke kerk, organiseren we gebedsvieringen in de parochies. We leggen bezoeken af in andere streken van het land of in buurlanden. Het werk hier is nooit af!

Maar hoe te helpen? Dat is altijd een moeilijke vraag. Hoe moet je iemand steunen, op de been helpen door hem of haar net een noodzakelijk zetje in de rug te geven en niet meer dan dat? Als wij de mensen van a tot z ondersteunen, dan maken we hen minder verantwoordelijk voor zichzelf; ze worden dan onze klanten en kunnen niet meer zonder ons. Sommigen willen niet beter!

Welke fijne neus en onderscheidingsvermogen zou men moeten hebben om precies te doen wat op elk moment het beste voor iemand is, niet teveel, noch te weinig. Misschien dat we hier soms in slagen. Vooral als wij met elkaar proberen te zien wat het beste is.

Teken zijn

Tegelijkertijd is er geen sprake van dat we ons met huid en haar laten verslinden. Voor ons gaat het erom dat ‘we er zijn’, dat we aanwezig zijn. In een huis dat vrede uitstraalt, waar we niet constant overvraagd worden of in de stress schieten. Het belangrijkste is een levende gemeenschap op te bouwen zonder welke we niets zouden zijn en we dus ook niets zouden kunnen doen voor de mensen.

Belangrijk is allereerst en vooral het teken dat we kunnen geven: dat van een groep mensen die van elkaar verschillen qua nationaliteit, kerkelijke achtergrond en leeftijd. Mensen die in staat zijn om niet alleen samen te leven, maar die ook, door de kwaliteit van de aandacht die ze voor elkaar hebben en hun broederlijke samenleven, een ruimte creëren van vrede waar anderen hun dorst kunnen komen lessen. Mensen die er zijn, als groep, omdat ze gehoor gaven aan dezelfde oproep van Christus.

Islam

Zoals heel Senegal, is onze wijk grotendeels islamitisch, ook al bestaat er een behoorlijk vitale christelijke minderheid. In deze jaren vol spanning, is het wellicht niet altijd even gemakkelijk om in een wijk te wonen waar 90% moslim is. Toch zitten hier mooie kanten aan. In het begin werden we natuurlijk een tijdlang met aandacht bekeken. “Wie zijn die ‘toubabs’ (Europeanen) die in ons midden komen wonen? Met welke bedoelingen houden ze zich met onze kinderen bezig? Proberen ze hen niet te bekeren, zoals anderen dat al geprobeerd hebben?”

Het heeft enige tijd gekost om het vertrouwen te winnen van de ouders, vooral van de oude ‘moskeepilaren’ die in de wijk de dienst uitmaken. Woorden hadden geen nut, want in dit milieu wordt zo weinig woord gehouden. Alleen belangeloze daden en het zeer duidelijk blijven betonen van respect voor de godsdienst van de ander hebben het mogelijk gemaakt dat men ons op een dag ging vertrouwen, en dat zelfs de meest wantrouwige buurtbewoners accepteerden dat hun kinderen bij ons kwamen. Vóórdat zij zelf op hun beurt de drempel bij ons overschreden.

Wat betekent het vandaag de dag om temidden van een moslimbevolking te leven? Allereerst dat men laat blijken dat men in deze gelovigen het werk van God herkent, dat men achting heeft voor hun geloofsbeleving, en dat men hun authentieke manier van bidden bewondert. Vervolgens moet men proberen om een beeld van de Kerk te geven dat niet arrogant overkomt. Een beeld waaruit misschien iets van het leven van Christus te zien is zoals het tot uiting komt bij degenen in wie Hij woont.

Wij zijn nog niet toe aan de interreligieuze dialoog. Onze buren zijn eenvoudige mensen zonder veel scholing, maar wél mensen van geloof. Met hen zijn mooie vriendschappen ontstaan waarbij soms onze gemeenschappelijke stamvader Abraham ter sprake komt. Samen maken we een leertijd door van onderling vertrouwen. Hardnekkige vóóroordelen over en weer proberen we te ontzenuwen. We bereiden de dag voor waarop er meer schot in de zaak van de onderlinge dialoog zal komen.

We zouden ook de christenen hier moeten helpen die overigens in een tamelijk goede harmonie met hun islamitische familieleden leven. We zouden hen moeten helpen om bepaalde vormen van angst en minachting, die over en weer bestaan, te overwinnen. Senegal kent een unieke situatie van vreedzame verhoudingen tussen de beide godsdiensten. Dit land zou voor een doorbraak kunnen zorgen.

De kinderen

Ons grootste geluk in dit avontuur van broederlijk samenleven in Dakar, dat zijn de kinderen. Hun trouw, hun genegenheid en hun enthousiasme. Zeker, ze denken dat wij hen helpen, en dat is enigszins waar. Maar als ze eens wisten hoezeer ze ons helpen te leven, dan zouden ze zeer verrast opkijken.

Het huidige Afrika kent enorm veel problemen; er hangen dreigende wolken boven dit continent. Er is alle reden om echt beangstigd te zijn als men aan de toekomst denkt. Maar levend temidden van deze kinderen die zich als een wervelwind om ons heen bewegen, vol energie en veerkracht, die vallen en in een bijna vloeiende beweging weer opstaan, kunnen wij onmogelijk toegeven aan wanhoop. Zij wakkeren onze hoop aan.

Het gebed

JPEG - 35 kB

Elke avond komen christenen uit de wijk met ons bidden, vooral kinderen maar ook jongeren en enkele vrouwen. Aangezien de kapel ’s avonds soms te klein is, richten we de binnenplaats van het huis in voor gebed. De kinderen rollen vloerkleedjes uit, slepen bankjes, boekjes, kaarsen en iconen aan. Zo wordt een mooie kapel gecreëerd met als plafond de met sterren bezaaide hemel… met grote vleermuizen die af en aan vliegen en onder het gegons van grote zwermen muggen.

Er zijn kinderen bij die geen dag missen. Ze zingen enthousiast met ons mee. In de loop der jaren zijn de in het Wolof vertaalde liederen van Taizé enigszins veranderd richting tam-tam ritme en de herhalende stijl komt perfect overeen met de plaatselijke cultuur. De stilte wordt opgevuld door heel het leven van de wijk: geschreeuw, zacht geroep, de oproepen van de moskees.

JPEG - 25.9 kB
Bijgewerkt: 18 september 2007