Taizé en Bolivia

De laatste jaren zijn er steeds hechtere contacten ontstaan tussen Taizé en Bolivia. De voorbije zomers nog hebben groepjes jonge Bolivianen drie maanden in Taizé doorgebracht op uitnodiging van de broedergemeenschap. Ze nemen deel aan de internationale ontmoetingen en nemen taken op zich om deze ontmoetingen goed te laten verlopen. De reden waarom ze in Taizé zijn, is vooral om hen de kans te geven met mensen uit andere landen van gedachten te wisselen over hoe het geloof beleefd wordt, hoe zij het hunne vormgeven in de Boliviaanse maatschappij met zijn uitdagingen en vragen, in een situatie van grote maatschappelijke onzekerheid.
JPEG - 21.9 kB

In Taizé

Een jonge Boliviaan die onlangs Taizé bezocht, schreef toen hij weer thuis was: “Ik was diep onder de indruk toen ik, bij aankomst in Taizé, op al die onbekende gezichten een vreugde zag die zo duidelijk zichtbaar was dat die aanstekelijk werkte. De gedachte dat wij allen kinderen van dezelfde Vader zijn, werd bewaarheid.”

De noodzaak om weer naar huis te gaan en in staat te zijn om zijn ervaring met anderen te delen, is het voornaamste bij deze pelgrimage: “Ik ben er zeker van dat mijn ervaring niet alleen de mijne blijft, iets persoonlijks; sinds ik terug ben, wordt het opgenomen in heel het leerproces dat mijn hart onderging.”

Dagen van verzoening in El Alto

Tussen 30 april en 3 mei 2004, hebben de broeders een ontmoeting georganiseerd in de stad El Alto. Gedurende de dagen voorafgaande aan deze ontmoeting, waren de mensen bezorgd vanwege een nieuwe golf van stakingen en wegblokkades in diverse delen van het land. Gezien deze situatie beschouwden heel wat mensen de ontmoeting veeleer als een licht dat scheen in de duisternis!

In totaal namen rond de 2000 jongeren deel aan de ontmoeting, velen van hen gekleed in de mooie traditionele klederdracht van de Aymara en Quechua culturen. Voor de meesten van hen was dit iets nieuws. Elk lied werd vier of vijf keer in het Spaans gezongen en daarna in het Aymara, de overheersende inheemse taal in de Altiplano.

JPEG - 28.4 kB

Niet alleen jonge Bolivianen waren aanwezig, maar ook jongeren uit Brazilië, Chili, Argentinië, de Dominicaanse Republiek, naast sommige jongeren uit Europa en zij allen deelden in dezelfde geest. Zo werd het zangkoor geleid door enkele jongeren uit Santiago, Chili. Gegeven de historische problemen tussen de twee landen, was het teken dat deze jonge Chilenen gaven door mee te doen met de ‘dagen van verzoening’ in Bolivia inderdaad veelbetekenend.

Na afloop van de ontmoeting zei een van de pastors: “Dit is de eerste keer tijdens een jongerenontmoeting dat jongeren afkomstig van het platteland en jongeren uit de stad samen optrekken en geen aparte groepjes vormen. In mijn kerk heb ik vijftien jaar geprobeerd om jongeren er toe over te halen om, behalve in het Spaans, óók in het Aymara te zingen, en ze hebben het altijd geweigerd. Maar na deze ontmoeting, aan het eind van de eucharistieviering, begonnen ze, heel spontaan, een Taizé-lied in het Aymara te zingen!”

Over heel het continent

De banden van Taizé met Latijns-Amerika gaan terug tot de jaren 60 van de vorige eeuw. Frère Roger woonde het Tweede Vaticaans Concilie bij waar sterke banden werden gesmeed met bisschoppen over heel het continent. Vaak spraken zij dan over de problemen in hun bisdommen en deelden ze onderling de zorgen hierover. Zo werden diverse praktische projecten opgezet en uitgevoerd.

Een van deze projecten was het opzetten van ‘Operatie Hoop’. Taizé deed een brede oproep in West-Europa om financiering mogelijk te maken van kleinschalige landbouwcoöperaties op grondgebieden die tot dan toe aan de Kerk toebehoorden en die de bisschoppen aan de allerarmsten wilden afstaan. “We hebben arme mensen en we hebben land,” zeiden de bisschoppen, “maar we zijn niet in staat om landbouwcoöperaties op te starten.” Een deel van het verzamelde geld werd gebruikt om de eerste uitgave van het Nieuwe Testament in Latijns-Amerikaans Spaans te financieren. Zo werden een miljoen kopieën (plus 500.000 in het Portugees) verspreid in de meeste bisdommen in Latijns-Amerika. De oproep maakte het ook mogelijk studenten uit Latijns-Amerika naar Europa te laten komen om hun studie voort te zetten. Natuurlijk werden zij ook in Taizé verwelkomd.

Een dergelijke uitwisseling van goederen en giften krijgt uiteindelijk een concrete en zichtbare vorm: het heeft een ‘gezicht’. Op uitnodiging van Dom Helder Camara vertrokken enkele broeders van Taizé naar Brazilië om een kleine ‘fraterniteit’ op te zetten – een huis van de gemeenschap – in Olinda, Recife, en zo het leven van de meest misdeelden te delen. Enkele jaren later verhuisde de fraterniteit naar Alagoinhas, in de staat Bahia, waar ze nog steeds verblijven.

Frère Roger bracht meerdere bezoeken aan Latijns-Amerika. Ongetwijfeld was het eerste bezoek één van de belangrijkste. Dat was in 1968 toen paus Paulus VI hem uitnodigde om hem te vergezellen op zijn reis naar Bogota, Colombia, voor de opening van de CELAM (de bisschoppenconferentie van Latijns-Amerika) in Medellin. In Bogota besloot frère Roger te verblijven in een van de armste voorsteden van deze metropool. Zoiets deed hij altijd op zijn reizen naar het buitenland.

JPEG - 11 kB

Het jaar 1974 was een zeer speciaal jaar. In december vond in Guadalajara, Mexico, de eerste ontmoeting plaats die Taizé georganiseerd had voor jongeren uit Latijns-Amerika. Later, bij de eerste verjaardag van de militaire staatsgreep in Chili, bezocht frère Roger dat land om zijn solidariteit met het Chileense volk te tonen, dat toen een van de donkerste perioden uit zijn geschiedenis meemaakte. Vijf jaar later, in 1979, bracht frère Roger een bezoek aan zijn medebroeders in Alagoinhas en verbleef daarna een maand temidden van de inheemse bevolking in Temuco, Chili. Zo wilde hij opnieuw laten zien hoe groot het verlangen was van de gemeenschap van Taizé om samen op te trekken met de diverse bevolkingsgroepen in Latijns-Amerika en op die manier te proberen de eenheid van de mensenfamilie op aarde meer zichtbaar te maken.

Banden van wederkerigheid en onderlinge gemeenschap worden vandaag de dag nog steeds verder aangehaald. Gedurende 20 jaar zijn elk jaar een veertigtal Latijns-Amerikaanse jongeren als pelgrims elke zomer naar Taizé gekomen om zo de ‘pelgrimage van vertrouwen’ voort te zetten. Zij worden gestuurd door hun bisdom. Zij delen met anderen hoe zij uit Gods Woord leven in woonomgevingen waar grote armoede en hopeloosheid heerst. Zo maken ze het gezicht van de universele Kerk meer zichtbaar. Na drie maanden gaan ze weer naar huis, waar ze hun pelgrimage kunnen voortzetten.

De ontmoeting in Cochabamba zal een nieuwe etappe zijn van deze pelgrimage. Daar zullen jongeren aanwezig zijn zowel uit Latijns-Amerika als uit Noord-Amerika en Europa. Frère Alois, de nieuwe prior van Taizé, zal ook aanwezig zijn. Hij zal vergezeld worden door enkele medebroeders van de gemeenschap van Taizé.

Bijgewerkt: 27 februari 2007